CBS: Minstens wekelijks contact met familie, vrienden en buren

Het merendeel van de bevolking had in 2019 minstens wekelijks op de een of andere manier contact met familie, vrienden of buren. Deze contacten zijn nog net zo frequent als in 2017 en 2018. Dat blijkt uit nieuwe cijfers uit het Onderzoek sociale samenhang en welzijn van het CBS.

In de enquête Sociale samenhang en welzijn worden sinds 2012 vragen gesteld over sociale contacten. Gevraagd wordt hoe vaak mensen van 15 jaar of ouder contact hebben met familie- of gezinsleden die niet bij hen in huis wonen, met vrienden of goede bekenden en met hun buren. Het gaat daarbij om persoonlijke ontmoetingen, telefonische contacten en contact via bijvoorbeeld e-mail, Whatsapp en andere sociale media. Er zijn jaarlijks cijfers beschikbaar van ongeveer 7 500 respondenten.

Contacten met familie en vrienden onverminderd

Sinds 2012 is het aandeel mensen dat minstens wekelijks contact had met familie of vrienden nagenoeg stabiel. Voor familiecontact ligt dit aandeel sinds 2012 rond 83 procent. Ook het aandeel mensen dat regelmatig contact heeft met vrienden is sinds 2012 nauwelijks veranderd. Gemiddeld heeft ruim driekwart van de 15-plussers minstens één keer per week contact met vrienden. Het aandeel mensen dat minstens wekelijks contact heeft met buren is tussen 2012 en 2019 wél duidelijk afgenomen van 66 procent naar 58 procent.

Jongeren vaakst wekelijks contact met vrienden en familie

Tussen leeftijdsgroepen bestaan duidelijke verschillen in de mate van sociaal contact en met wie ze dat hebben. Vooral als het gaat om vriendencontact zijn er grote verschillen tussen jongeren en ouderen. Van de jongeren (15 tot 25 jaar) heeft 96 procent minstens wekelijks contact met vrienden, tegen iets minder dan 70 procent van de 55-plussers. Dit verschil wordt verklaard doordat veel jongeren  hun vrienden bijna dagelijks op school zien.

Ouderen zien of spreken hun buren juist vaker. Bijna driekwart van de 65-plussers heeft minstens eenmaal per week contact met de buren, tegen ongeveer 40 tot 45 procent van de mensen jonger dan 35 jaar. 

Ouderen vaker persoonlijk contact met vrienden

Appen of chatten met zowel familie als vrienden is de meest gebruikte manier om dagelijks contact te hebben. Dagelijks bellen wordt vaker gedaan met familieleden dan met vrienden. Dagelijks persoonlijk contact hebben mensen juist vaker met vrienden: 1 op de 10 ziet zijn of haar vrienden iedere dag.

Met familie hebben vooral 25- tot 35-jarigen frequent (elke dag) contact. Zij hebben daarbij een voorkeur voor bellen en appen. 
Jongeren (15 tot 25 jaar) hebben vooral dagelijks vriendencontact. Dit geldt zowel voor persoonlijk contact, als voor bellen en appen. Ouderen hebben dagelijks vriendencontact  vaker persoonlijk dan op andere manieren.