Nederlanders bang voor langdurig economische crisis door corona-uitbraak

Nederlanders zijn bezorgd over hun werk, inkomen en de waarde van hun bezittingen. Zij houden er rekening mee dat de economische gevolgen van de corona-uitbraak geruime tijd voelbaar zijn. Als zij in deze situatie 1.000 euro financiële steun zouden ontvangen, wordt dat vooral gebruikt voor het aanleggen van financiële buffers of het beperken van betalingsachterstanden en schuldoploop. Slechts in beperkte mate zou dit worden uitgegeven aan extra consumptieve uitgaven

Dit blijkt uit een enquête die DNB in samenwerking met de Universiteit van Bonn heeft gehouden onder de leden van het LISS-panel van CentERdata, dat representatief is voor de Nederlandse bevolking van 16 jaar en ouder. Deze enquête is ingevuld door meer dan 5.000 respondenten na de aankondiging door de regering van het economisch steunpakket voor behoud van banen en inkomens. Een ruime meerderheid van de geënquêteerden geeft aan het optreden van de overheid passend te vinden.

Nederlanders verwachten dat economische crisis als gevolg van corona aanhoudt

Een meerderheid van de Nederlandse bevolking verwacht dat de economische gevolgen van de coronacrisis nog geruime tijd voelbaar zijn. Hoewel onderling grote verschillen bestaan, verwacht ruim de helft van de respondenten dat de economische crisis tussen 6 maanden en 2 jaar zal duren (Figuur 1). Drie op de tien respondenten is optimistischer en verwacht dat de economische gevolgen gedurende maximaal 6 maanden voelbaar zijn.

Economische crisis door corona raakt groot aantal Nederlanders

Een ruime meerderheid van de Nederlandse bevolking verwacht financieel geraakt te worden door de uitbraak van het coronavirus en de maatregelen ter bestrijding hiervan. Circa een op de zes werknemers houdt er rekening mee dat zij hun baan in de komende twaalf maanden zullen verliezen. Ruim 40 procent van de zelfstandigen verwacht zonder opdrachten te zitten. 60 procent van de respondenten van 65 jaar en ouder gaat ervan uit dat het pensioen wordt gekort. De helft van de respondenten houdt in de komende maanden rekening met een forse daling van de waarde van bezittingen (huizen en andere beleggingen). Dit terwijl op het moment van de enquête bijvoorbeeld aandelenindices al een stevige daling hadden laten zien. Twee op de drie Nederlanders verwacht het komende jaar persoonlijk te maken te krijgen met I) verlies van baan of van vrijwel alle opdrachten als zelfstandige, II) korting van pensioenrechten, of III) een forse waardedaling van bezittingen. Deze zorgen hebben gevolgen voor de financiële situatie van consumenten, die in meerderheid aangeven minder te gaan besteden. Een op de acht Nederlanders verwacht de komende 12 maanden moeite te hebben om hun schulden te betalen.

Directe financiële steun wordt voor de helft gespaard

Het Nederlandse steunpakket met economische maatregelen is vooral gericht op bedrijven en zelfstandigen, om op deze manier banen en inkomens van burgers zoveel mogelijk te behouden. In de Verenigde Staten omvat het noodpakket een maatregel die gezinnen direct financieel ondersteunt door een geldbedrag uit te keren. Gevraagd naar wat Nederlanders zouden doen als zij 1000 euro van de Nederlandse regering zouden krijgen, blijkt dat dit bedrag gemiddeld voor bijna de helft zou worden gespaard en zo bijdraagt aan het vergroten van financiële buffers. Verder wordt een dergelijke gift in belangrijke mate gebruikt om de kosten te dekken van basisbehoeften en betalingsverplichtingen (zoals basisvoedsel, de energierekening, hypotheek en verzekeringen) die gezinnen anders niet zouden kunnen betalen (22 procent) of voor financiële steun aan familie en vrienden (14 procent). Beide beperken vermoedelijk vooral de oploop van schulden en betalingsachterstanden. Vergeleken met eerder onderzoek zou een groter deel van het geld worden weggegeven – een gebaar van solidariteit in een tijd dat veel huishoudens worden geraakt door het coronavirus en de economische gevolgen hiervan. Een kleiner deel wordt gebruikt voor het in stand houden van uitgaven die niet onder de basisbehoeften vallen (9 procent) of voor extra uitgaven aan duurzame goederen (6 procent). Deze uitkomsten suggereren dat Nederlanders in deze fase van de bestrijding van het coronavirus eenmalige stijgingen van hun inkomsten meer dan anders zouden gebruiken voor versterking van financiële buffers, en voorzichtig zijn met bestedingen.